< Artikelen

Hoe de Normandische invasie het Engels heeft gevormd

Engeland en Frankrijk. De rivaliteit tussen deze twee landen bestaat al eeuwen, met daarin belangrijke historische gebeurtenissen (de door de Britten gewonnen Slag bij Azincourt en de heroïsche strijd tegen Napoleon) en onbeduidende kroegdiscussies (zijn slakken écht lekker of doen de Fransen maar alsof?)

Een van de oudste Engelse hobby’s is de Fransen neerzetten als lafaards, arrogante culturele snobs of hitsige types die met iedereen het bed in duiken. Zelfs William Shakespeare liet geen kans voorbijgaan om een grap te maken over de ‘aanmatigende en oversekste Fransen’.

Ondertussen morren de Fransen aan de andere kant van het Kanaal over de massale invasie van Engelse woorden in hun taal. Vooraanstaande organisaties, zoals de Académie française, strijden tegen Engelse woorden als ‘e-mail’ en ‘hashtag’ en moedigen de mensen aan om Franse equivalenten te gebruiken (ook al geven zelfs de meest fervente beschermers van de Franse taal met tegenzin toe dat het vermoedelijk te laat is om boosaardige indringers zoals ‘sandwich’ en ‘weekend’ uit te bannen). 

Met dit in gedachten is het ironisch dat Frankrijk– ondanks al deze rivaliteit – heel veel invloed heeft gehad op het wezen van de Engelse taal zoals die tegenwoordig gesproken wordt. En niet alleen op de taal. Neem de kastelen waar het Engelse landschap mee bezaaid is, de innig geliefde symbolen van de Engelse geschiedenis. Ook die zijn aan de Fransen te danken. En dan met name aan het Normandische leger uit 1066 – dat voor een groot deel uit afstammelingen van de Noormannen bestond, die in de cultuur van het huidige Noord-Frankrijk waren geassimileerd.

De basiselementen van de Normandische verovering behoren tot de Engelse overlevering: Willem de Veroveraar die vanaf het Europese vasteland de troon kwam opeisen en Harold een pak slaag gaf in de Slag bij Hastings (waarbij laatstgenoemde een pijl in zijn oog schijnt te hebben opgevangen). Maar de volledige reikwijdte van zijn overwinning wordt door veel mensen nog steeds onderschat. Willem en zijn leger maakten niet alleen een einde aan de Angelsaksische monarchie, ze veranderden het wezen van de Engelse cultuur. Om te beginnen werd wijn de populaire drank in plaats van mede. Maar de invloed op de taal was het allerbelangrijkste.

Met de Normandische verovering degradeerde het Angelsaksisch, of Oudengels, tot een mindere, niet modieuze taal, alleen geschikt voor het gewone volk. Oudengels is nu een verre en ondoorgrondelijke taal voor iedereen die het niet heeft bestudeerd, hoewel een van de teksten, Beowulf, een mijlpaal van de Engelse cultuur blijft. De nieuwe heersende klasse die het land had overgenomen, voerde haar eigen taal in – een dialect van het Oudfrans – als de taal van de aristocratie.

Daarom zijn bepaalde woorden die betrekking hebben op macht en heerschappij zoals ‘parliament’, ‘duke’ en ‘prison’ afkomstig uit het Oudfrans (alhoewel ‘king en ‘queen’ vreemd genoeg wel uit het Oudengels stammen). De Normandiërs brachten ook nieuwe woorden voor etenswaren mee, en die tweedeling bestaat vandaag de dag nog steeds. Het vlees van varkens wordt ‘pork’ genoemd, naar het Oudfrans. Rundvlees staat daarom bekend als ‘beef’. Dat is nogal merkwaardig, aangezien de Franse bijnaam voor de Engelsen lange tijd ‘rosbif’ is geweest.

Door deze vermenging ontstond er een nieuwe spreektaal, die we nu kennen als de Anglo-Normandische taal. Gelukkig stierf het Anglo-gedeelte niet uit zodat het Engels een comeback kon maken. Terwijl de Anglo-Normandische taal alleen nog bekend is bij wetenschappers, ontwikkelde deze zich tot het Middelengels, de taal van Chaucer, wiens Canterbury Tales tot een van de eerste meesterwerken in de Engelse literatuur uitgroeide. Die taal ging op zijn beurt weer over in het Vroegmoderne Engels, met ene William Shakespeare als belangrijkste exponent (of een mysterieuze aristocraat die zich William Shakespeare noemde, aldus enkele complotdenkers).

Terwijl Lord Nelson z’n ondergeschikten aanspoorde om ‘de Fransman te haten zoals je de duivel haat’, zouden de Engelse taal en de daaruit voortvloeiende Engelse cultuur onherkenbaar zijn als de Fransen de Slag bij Hastings, die de geschiedenis van het land voorgoed veranderde, niet hadden gewonnen.